vrijdag, juni 22, 2007

Toedoe


"Ge zijt verdikt, Gitaar!", knort de coach terwijl hij diep in zijn stoel gezakt aan zijn Coca nipt op een terras in Bédoin. Piet Goddaer tovert de letter "O" op zijn mond, en zijn ogen verklappen dat hij dat nogal een straf statement vindt. Vlak daarvoor had Bob Verbeeck in het lang en in het breed aan datzelfde tafeltje uit de doeken gedaan dat Polleke redelijk traag de Ventoux had overmeesterd. Maar liefst 4 minuten trager dan Bob zelf. In 1u37 had 'de grote' de klus geklaard. Zeer traag dus, voor die gemakkelijke klim uit Bédoin. Iemand anders moet er dan maar aan geloven, zie je dan coachie-coachie haast luidop denken, ... en mijn 4 kilo teveel worden in de kijker gepraat.

Maar bon, terecht.

Heb dan maar direct de koe bij de luie horens gevat en voor mezelf een aantal nieuwe doelen gesteld. Komen ze:

1. Sterke Peer 1/8e triathlon bij Mad Max in Weestwuuzel op 11/8
2. Samen met Canvas Marathon Sylvie een andere 1/8e triathlon in Gent op 19/8
3. Met Cernum-makkers Koen en Stef de Alpe d'Huez en de Galibier temmen op ons stalen ros op 29/8

Ben er in gevlogen. Wekelijks minstens 2 keer joggen per week. Minstens 1 keer een kilometer zwemmen per week. Minstens een keer 50 à 80 kilometer fietsen per week.

Ben wél vergeten te bloggen. Dju.

woensdag, juni 13, 2007

Een triple ?


De zenuwachtige zwaluwen vogelen me die ochtend wakker. De provencaalse kruiden penetreren de suite als N. de venster richting De Berg opent. De krakende scharnieren zijn een voorbode van een smeltkroes van basilicum, oregano, tijm, peterselie, rozemarijn. Dingen waar een mens barbequegoesting van krijgt. Zelfs al is het 7u en dreigt het ontbijt er eentje voor sporters te worden. Suiker. Suiker, niet uit Tirlemont, zal het hoofdingredient van het nakende ontbijt zijn. Allez, debout! N. fluistert het, De Berg eist het.

Een verloren gevlogen mus durft de kruimels onder onze ontbijttafel te pikken. Stelen, dus. Ze is stout en moedig. Iets wat ik niet ben. De Berg kijkt me immers aan met een dreiging waar de New Yorkse Verrezano Bridge enkel kan van dromen. Stef en ik hebben op vrijdag het stijgingspercentage vanuit Bédoin onderzocht. Met de auto weliswaar. Ik heb er nachtmerries aan overgehouden. "Boehoehoe!!!!", klonk een gemene stem, "achter de volgende bocht wordt het nog erger!", gevolgd door een door merg en been gaande "hahahahahahaaaaaaaaaa!!!!". Het had me om 4u al uit mijn slaap gehaald. Brutaal, genadeloos. En nu verknalt die bange gedachte de lekkere confituur op mijn booke, daar op het ontbijtterras met zicht op dat varken van een berg.

"Kom peere, we zijn weg", ontwaakt Stef me uit mijn roes terwijl ik mezelf betrap op wezenloos staren naar die gulzige mus. Ik wring mijn geëpileerde benen door mijn koersbroek, trakteer mijn nek op factor 30, haal P. van stal en check of haar banden nog voldoende spanning hebben. Ja, ze is vrouwelijk, want mooi. Drie kilometer later vind ik mezelf terug op de parking van waaruit de Bédoin-kliek de kale wil temmen. Piet Goddaer groet Geert Gitaar maar zal later als een pijl uit een boog richting de top vertrekken. "Geertje!", glimlacht een man gehuld in een regenboogtrui met handtekening van Sven. Ook hij verdwijnt richting recordpoging. De hoofdredactrice van een blad over sprekende lijven vat met mij de calvarie aan. "Kom peere, we zijn weg", herhaalt Stef.

Tot de gemene bocht naar links, ter hoogte van Estève, valt alles mee. De babbel met mijn twee companen is bij wijlen zelfs grappig en zeker niet zenuwachtig te noemen. Achter den draai is het koekenbak. "Ik zie jullie boven wel!", puft Marleen, nadat ik mij verontschuldig omdat er een gat valt. "Ik heb geen triple", verklaar ik nog plechtig, "mijn kadans mag niet lager want anders val ik omver!".

Het is intussen 10u en de zon bakt er wat van. In het bos richting chalet Reynard teisteren de geile muggen mijn opengevallen mond terwijl mijn Polar 32° aangeeft. Het is afzien. Verschrikkelijk afzien. Hartslag 160. Plots 170. Zelfs 172. Dat is niet goed voor mij, het moet rustiger, want de top is nog twee uur verder.

Een uur later zwoeg ik mezelf meter per meter hogerop, beseffend dat de grote coach nu ongeveer victorie kraait bovenaan die uit de kluiten gewassen puist. Al die tijd is Stef naast mij blijven rijden. Met zijn vingers in zijn neus. Ik vraag hem om in mijn plaats te kijken want ik heb enkel zin om naar de grond te staren tijdens het zware labeur.

De chalet! De hel is voorbij. De berg lijkt vanaf nu op de maan. Vanaf hier is het pies of keek. "Slechts een goeie 7 à 8 % tot boven, komaan peere!", klinkt het in mijn linkeroor. Rondom mij rijden wrakken naast supermensen. Het is een bont allegaartje van getalenteerden, trage rakkers en twee rare kwieten op een soort mobiel die je enkel aan zee op de dijk ziet rondtuffen. De dijk staat garant voor 0 %, de laatste Ventoux-kilometer zegt 11 %. In de laatste haarspeldbocht roep ik zodanig luid "Yeah!" dat de dame voor mij een paniekaanval krijgt en haast aan 20 km/u over de finish sprint.

2u30 en een scheet. Wa was dà, joh?

dinsdag, juni 12, 2007

Back from hell


Gisterennacht thuisgeraakt vanuit Bédoin. Het relaas - o.a. waarom enkel vanuit Bédoin - probeer ik deze avond prozagewijs uit mijn kiebord te persen.

donderdag, juni 07, 2007

BV


Ik weet het plots. De hele BV-heisa is op den duur zodanig genant, dat je er met een kringetje omheen zou willen lopen. Maar ik heb nu plots wél zin om een échte BV te zijn. Mijn definitie:

Een Bovengeraakte Vlaming.

Ik laat weten of ik BV ben geworden via deze blog. Zaterdagavond.

woensdag, juni 06, 2007

Teerlingen


De teerlingen zijn geworpen. Niks is aan het toeval overgelaten. Ik heb getraind op advies van de grootste specialist ter wereld. Tot vandaag is er gesleuteld aan mijn schoenen en zolen om te voorkomen dat ik 'slapende tenen' heb. Er is zelfs een grote discussie ontstaan over het al dan niet ontharen van mijn benen.

Morgen reizen we af naar de Vaucluse. Op de TGV, richting Avignon. Ik kan daar nog steeds onder een brug gaan liggen met een fles Chateauneuf-du-Pape van een excellent jaar als het zaterdag niet lukt.

Het wordt duimen. Ik geef mezelf 90 % kans om de klim vanuit Bédoin succesvol te beëindigen. Ik gun mezelf 50% kans om daarna vanuit Sault de uitdaging te winnen. Ik durf daarna te stellen dat ik nog 10% kans heb om des avonds de top te bereiken vanuit Malaucène.

Een aantal mensen tipt op een ochtendrit, om 4u30 uit de veren, om omstreeks 5u in Malaucène als een gek te beginnen trappen. Niks van. Ik wens zaterdagavond een aantal stressy werk- en trainweken te vervolmaken met een gigantische schranspartij. Na zo'n uitspatting rijdt een wijsneus niet meer de Ventoux op. Zeker geen wijsneus met kater.

Santé!

dinsdag, juni 05, 2007

Het weer aan de Kale Berg


Op mijn iMac in de keuken, ooit te zien in een hoofdrol tijdens de eerste aflevering van Canvas Marathon (en ja, de heruitzending is aangekondigd in de zomerprogrammatie van de VRT, naar het schijnt), amuseer ik me met het activeren van Widgets. Widgets in Mac OS X Tiger zijn fijne venstertjes die je kan te voorschijn toveren om ze nadien te 'grabben' en op te nemen in je blog. Je kan er onder anderen de weersvoorspelling op verschillende plaatsen in laten verschijnen.

Dat heb ik nu effe gedaan met het oog op de Ventoux-uitdaging. Je ziet dat het momenteel redelijk warm is ter plaatse, maar dat er toch ook een donderwolkje dreigt. Tegen zaterdag is de donderneiging weg en sluimeren enkel een paar schapewolkjes voor de Provence-zon. Warm, warm, warm, en in Maulaucène zelfs heet, heet, heet, heet ... heet dat dan...

maandag, juni 04, 2007

Congoberg


Kine-vriend Stijn daagt mij uit. En 't is op de koop toe nog geen al te slecht idee: de Congoberg eens beklimmen.

De Congoberg, beste blogvrienden, zat ooit in de Ronde van Vlaanderen toen er nog een locale ronde gereden werd in de buurt van Ninove en omstreken alvorens naar de eindmeet te gaan. Nu is dat allang niet meer het geval en de Congoberg heeft dat gevecht om aandacht verloren. Menig ander koerske doet die Pajotse puist nog wel aan, waaronder Zellik-Galmaarden, één van de belangrijkste wedstrijden voor eliterenners zonder contract (ooit gewonnen door belofte Tom Boonen, om maar één van de latere vedetten op te sommen).

De Congoberg heeft iets van de Mont Ventoux. Niet de moeilijkheid, niet de lengte, wél de schoonheid van de omgeving én ... het feit dat je'm vanuit drie startpunten kan proberen te temmen. Op de kaart zie je in drie verschillende kleuren de mogelijke routes. De oranje route is op kasseitjes, de twee andere op beton en asfalt. Het gele cirkeltje geeft de top aan, de gele pijl toont in de richting van Brussel. Als je daar effe op adem komt, kan je genieten van één van de mooiste vergezichten van het Pajottenland. Je waant je in Toscane. Dit is niet overdreven, folks. Je bent tevens in één van de stilste plekjes van Vlaanderen: het stiltegebied Mark-Dender.

Zeer stil is het daar. Behalve als Filoe thuis is. En mooi is het daar ook. Behalve als Filoe thuis is.

zaterdag, juni 02, 2007

De spannendheid zelve


Onlangs was ik met Henk van SAP aan het filosoferen over strategie en taktiek bij het veelvuldig beklimmen van de kale berg. Als je één keer de beklimming doet, heb je enkel een keuze te maken tussen de vertrekplaats. Bédoin is de meest beruchte. Maar je kan ook vanuit Sault gaan. De zogenaamde jeanettenkant, omdat het 20 kilometer minder stijl gaat alvorens vanuit Chalet Reynard een dodelijk gemeenschappelijk stukje in te gaan dat je ook moet verduren vanuit Bédoin. Maulaucène is ongeveer zoals Bédoin, plusminus.

Het ging met Henk vooral over de driedubbele beklimming: op 24 uur vanuit de drie startplaatsen de Ventoux teisteren. Ik heb daar ook al met Stef en coach Paul over gepalaverd. Het is voor iedereen duidelijk dat het ideaal is om vanuit Bédoin van start te gaan als je nog fris zit. De grote vragen (jaja, meervoud) zijn:

  1. Gaat mijn knie me nog toelaten om er een lap op te geven na de Bédoin-uitdaging?
  2. Indien ja, naar welk dorp rij ik naar beneden voor de tweede klim?
Ik denk: Sault. De jeanettenkant. De kans is immers groot dat (àls ik vraag 1 overleef) ik vanuit Sault nog op een menselijke manier boven geraak. En dàn, he, dàn komen twee gelijkaardige vragen weer naar boven.

  1. Gaat mijn knie me nog toelaten om er een lap op te geven na de Sault-uitdaging?
  2. Indien ja, rij ik nog naar Malaucène voor de derde klim?
Misschien is mijn knie in de totale vernieling halverwege de rit vanuit Sault, dan kan ik nog steeds naar beneden rijden richting Bédoin eens ik aan Chalet Reynard kom. Als ik daar toch kies om door te zetten naar de top, dan denk ik dat ik naar Malaucène ga afzakken, anyhow.

Eens in Malaucène aangekomen, vreet ik mezelf vol spaghetti en wacht een paar uur alvorens een poging te doen om het ultieme doel te bereiken.

Waarom als tweede etappe kiezen voor Sault en niet voor Malaucène? Coach Paul: vanuit Malaucène is de regel : "the only way is up, all the way". Vanuit Sault kan je na het jeanettenstuk nog steeds linksaf naar Bédoin en je laten zakken. Dat was ook Henk zijn redenering. En ik zeg: als ik als tweede voor Malaucène kies, dan is mijn knie gegàrandeerd kapot na twee ritten en mag ik een derde rit op mijn buik schrijven. Vanuit Sault is er nog een waterkansje dat ik een derde keer aankan.

Enige andere tips ?

vrijdag, juni 01, 2007

Pajottenland


Wie een echt heel fijn toerke van exact 70 km door het land der Pajotten wil doen, richt zijn pijlen op het volgende tekeningetje. Dit is het "meest gebruikte Geert Gitaar toerke". Het start voor mijn deur en eindigt op dezelfde plaats. Ik heb het al eens gedaan met de grote coach, die toen zei : "amai, Gitaar, ge woont hier in een paradijs voor fietsers!".
Hij overdrijft nooit. Euh? Nee?
Je komt voorbij allerlei leuks als de Congoberg (vroeger in de Ronde van Vlaanderen), de Kesterheide, allerlei nijdige heuveltjes langsheen de taalgrens, door mijn moeder de Frontière Elastique genoemd tijdens haar prille jeugd.
Doen !!!